Equity is not equality
Albert Heeling
Raadgevers Kuijkhoven heeft samen met het stafbestuur van het Slingeland Ziekenhuis een eigen verdeel- en verdienmodel ontwikkeld. Na een uitgebreide consultatie van alle maatschappen in het ziekenhuis hebben we de volgende componenten een rol gegeven.
In het model hebben wij tot nu toe gewerkt met een geschat NZa-budget, waarbij wij het aandeel van het ziekenhuis berekenden. Het NZa-budget is inmiddels bekend en de berekeningen liggen zeer dicht bij de werkelijk toegekende budgetten van de NZa. Het is wel belangrijk om de vaststelling van deze budgetten te controleren omdat de NZa niet onfeilbaar is. Zo zien ze de inkomsten van de intensive care nog wel eens over het hoofd.
In het convenant is afgesproken om het variabele deel te maximeren op 25% met een ondergrens van 15%. Het Stafbestuur en de Raad van Bestuur van het ziekenhuis moeten het precieze percentage vaststellen en dat kan hun relatie op de proef stellen. De meeste specialisten willen het liefst 0% van hun honorarium uit het variabele deel ontvangen, terwijl een Raad van Bestuur juist zoveel mogelijk in het variabele deel wil onderbrengen. Wij kunnen regie voeren op deze onderhandelingen.
De definitie van een fte vormt bij ieder verdienmodel een punt van discussie. De ervaring leert dat het in de jaarverslagen vastgestelde aantal fulltime maten doorgaans door alle betrokken partijen een geaccepteerd gegeven is en daarmee een goed uitgangspunt is voor het model.
Een belangrijk uitgangspunt in het convenant voor de verdeling van het specialistenhonorarium, is dat een gelijke werklast en productiviteit leiden tot een gelijke beloning. Uit onze inventarisatie is gebleken dat er behoefte is aan een component die voor alle specialismen hetzelfde is en als het ware de toelating als medisch specialist weergeeft. Hiervoor hebben wij aansluiting gezocht bij de arbeidsbeloning gebaseerd op de hoogste trede van de AMS-salarisschaal, zonder de inconveniëntentoeslagen. Uiteraard kan de medische staf een andere hoogte van de arbeidsbeloning vaststellen. Deze methode van arbeidsbeloning vaststellen geeft een solidaire basis voor het collectief en geeft ook een dempende (nivellerende) werking op de verdeling: de vermindering van het vaste budget met de basisbeloning zorgt ervoor dat er geen excessieve verschillen optreden.
Werkbelasting blijkt in de praktijk vaak niet gelijk verdeeld over de specialismen. Het is de uitdaging om de wrijving die rond dit onderwerp speelt goed te begeleiden. Vaak adviseert men om dit heikele punt te laten voor wat het is, maar dat is in tegenspraak met het uitgangspunt dat gelijke werklast en productiviteit tot een gelijke beloning leiden. Daarom biedt het Raadgevers Kuijkhoven-model de mogelijkheid te corrigeren voor verschillen in inconveniënten. Er is keuze uit een aantal verschillende regelingen die in het model verschillend uitwerken.
Het Raadgevers Kuijkhoven-model gebruikt de meest actuele gegevens, afkomstig van de Jaarenquête ziekenhuizen en van de meest recente, door de ziekenhuizen geleverde gegevens aan de LMR en LAZR.
De patiënteenheden per specialisme in Nederland zijn berekend over het aan KIWA Prismant opgegeven aantal fte, waar nodig gecorrigeerd voor het betreffende ziekenhuis.
De scores zijn per specialisme (en voor het ziekenhuis als geheel) afgezet tegen het landelijk gemiddelde per vakgroep dat als indexbasis (=100) is gesteld.
Meteen na invoering van alle gegevens blijkt ook de bandbreedte tussen de hoogste en laagste winstaandelen per maatschap. Door aanpassing van één of meerdere variabelen (bijvoorbeeld de hoogte van de arbeidsbeloning) kan de bandbreedte worden vergroot of verkleind. Hierdoor kunnen we voordat we de methode van winstverdeling vaststellen, verschillende varianten doorrekenen.
In het Raadgevers Kuijkhoven-model is het mogelijk om de verschillende variabelen te wijzigen. Deze dynamiek binnen het model is belangrijk omdat we zo rekening kunnen houden met specifieke wensen en omstandigheden in een ziekenhuis. Daarnaast maakt het de alternatieven zichtbaar.
Hieronder zien wij de uitkomsten van enkele voorbeeldscenario’s voor een ziekenhuis met 17 verschillende specialismen. De blauwe lijnen geven de uitkomsten van het Raadgevers Kuijkhoven-model aan, de rode lijnen de bestaande situatie in 2011. De stippellijnen geven de gemiddelde inkomens aan van respectievelijk ons model en het gemiddelde inkomen in 2011.
In scenario 1 is de arbeidsbeloning toegepast conform de hoogste trede in de salarisschaal van de AMS, dat is circa € 145.000. Het aandeel van de productiviteitsbeloning is circa 29%. Hieruit volgt een bandbreedte van € 48.000. Het hoogste omzetaandeel is € 48.000 hoger dan het laagste omzetaandeel.

In scenario 2 is de arbeidsbeloning verlaagd naar € 50.000. Het aandeel van de productiviteitsbeloning stijgt naar circa 66%. De bandbreedte stijgt naar € 83.000.
Op grond van onze ervaring hebben wij u inzicht gegeven hoe wij de verschillende elementen van een verdeelmodel benaderen en welke keuzes u hierin als collectief kunt maken. Wij kunnen u op deze weg adviseren en begeleiden naar een integraal model om in uw ziekenhuis te gebruiken voor komend jaar. Daarna zult u waarschijnlijk de werking van het model willen evalueren en bijstellen. Ook daarbij kunnen wij u van dienst zijn.
Veel ziekenhuizen gebruiken de momenteel door Logex te ontwikkelen benchmark om hun model - of de productiviteitscomponent hiervan - op te baseren. Mogelijk heeft uw ziekenhuis zich ook hierbij aangesloten. Wij hebben goede contacten met de Orde van Medisch Specialisten en Logex en kunnen u ook in dat geval adviseren zodat u tot een integraal verdeelmodel komt.
Schrijf u hier in voor de workshops en kijk hieronder voor meer interessante artikelen:
Zoektocht naar een geschikte rechtsvorm voor het collectief
Een kijkje achter de cijfers van het verdien- en verdeelmodel
Verdelen of verdienen: that is the question
|
Albert Heeling kwam na zijn studie bedrijfseconomie aan de Rijksuniversiteit Groningen in 2004 terecht bij Raadgevers Kuijkhoven. Daar werkte hij onder meer samen met Douwe de Vries aan fusiebegeleiding op zowel ziekenhuis- als op vakgroepniveau. In de loop van de jaren heeft hij zich ook gericht op onderwerpen als honorering, keuzes tussen zelfstandig ondernemerschap en loondienst, waarbij Albert het advies graag ondersteunt met modellen op bedrijfskundige en mathematische basis. |